Een stukje over het verbod op de onverdoofde rituele slacht behoeft eigenlijk weinig introductie. Iedereen heeft er ongetwijfeld wel wat van meegekregen en er een mening over gevormd, maar toch bestaat er nog veel onduidelijkheid over. PINK! legt uit.
Door Eva Akerboom
In mei zal het debat over het wetsvoorstel van Marianne Thieme in de Eerste Kamer voortgezet worden, maar het ziet er niet naar uit dat er een meerderheid voor een verbod zal komen. Veel mensen kennen de nare beelden en veel wetenschappelijke onderzoeken tonen aan dat het onverdoofd slachten onnodig extra lijden veroorzaakt. PINK! staat dan ook voor 100% achter het wetsvoorstel dat een verbod voorschrijft. Waarom wordt er nog op deze ouderwetse manier geslacht terwijl verdoving voor handen is en in reguliere slachthuizen zelfs verplicht is? Is een verbod op de onverdoofde rituele slacht wel of geen inbreuk op het grondrecht van godsdienstvrijheid? Dit zijn zaken waar zelfs veel rechtsgeleerden geen duidelijk antwoord op kunnen geven, laat staan een 19-jarige studente. Maar bij deze ga ik, aan de hand van diverse publicaties, toch een poging wagen wat meer duidelijkheid te scheppen.
De rituele slacht
In Nederland worden jaarlijks 2500 dieren koosjer geslacht in het enige joodse slachthuis te Amsterdam waar één ervaren slachter te werk gaat, aldus joodse advocaat Eismann in een debat bij Pauw en Witteman (2011). Ook worden hier jaarlijks ongeveer 2 miljoen dieren halal geslacht op diverse plaatsen (Animal Sciences Group 2008).
Koosjer en halal slachten verschilt in principe niet veel van elkaar, maar vanwege de schaal waarop het gebeurt is er meer kritiek op halal slachten: zo zou het (behalve de onverdoofde halssnede) weinig meer met islamitische slachtregels te maken hebben (het dier mag het mes eigenlijk niet zien, en de bio-industrie an sich is niet te rijmen met de Koran) en zou het verplichte gebed niet meer opgezegd, maar continu van een CD afgespeeld worden in slachthuizen. Bij beide methodes moet het dier eerst gefixeerd (in de goede houding geplaatst) worden door bijvoorbeeld kanteling of het aan de achterpoten optrekken aan een ketting. Daarna volgen bij koosjer slachten gemiddeld 3,2 en bij halal slachten 5,2 halssnedes en dan is bij nog 10% van de dieren de halsslagader niet goed doorgesneden. De fixatie veroorzaakt stress en in de hals zitten veel pijnreceptoren wat ervoor zorgt dat onbedwelmd ritueel slachten extra lijden veroorzaakt voor het dier (Animal Sciences Group 2008).
Beide methodes zijn al zeer oud en destijds voorgeschreven om het dier zo min mogelijk leed toe te brengen. Dit is nu dus niet meer aan de orde; tegenwoordig zijn er verdovingen voor handen die ervoor zorgen dat een dier minder lijdt. Het verdoven van dieren alvorens de slacht is al lange tijd verplicht in Nederland, slechts voor religieuze doeleinden wordt er een uitzondering gemaakt.
Symboolpolitiek
PINK! staat ook niet achter alle slachtmethodes in reguliere slachthuizen waar in Nederland jaarlijks 500 miljoen dieren geslacht worden. Dierenleed lijkt onvermijdelijk in de fabrieksmatige slachthuizen die duizenden dieren per dag verwerken. Maar het in stand houden van omstreden methodes waarvan het extra lijden vaak is aangetoond, is daarmee nog niet gerechtvaardigd. In verhouding tot alle dieren die in reguliere slachthuizen aan hun einde komen, is het aantal dieren die de onverdoofde rituele slacht ondergaan misschien niet zo groot. Daarom wordt er vaak gesproken van ‘symboolpolitiek’. PINK! is, net als de Partij voor de Dieren, tegen de hele bio-industrie, maar aangezien die zo groot is in Nederland kan die niet in één keer afgeschaft worden en zijn kleine stapjes in de goede richting nodig. Om van symboolpolitiek te spreken in deze context is dus hypocriet. En daarbij, probeer je eens twee miljoen dieren bij elkaar voor te stellen – het zijn er wel degelijk ontzettend veel, en deze twee miljoen dieren verdienen het ook om beschermd te worden.
Religieuze minderheden
In 2007 woonden er ongeveer 850.000 moslims in Nederland, een aantal dat stijgende was en nu waarschijnlijk hoger ligt. In 2009 waren er naar schatting 52.000 joden. Beide groepen zijn dus minderheden in Nederland. Uit vele discussies bleek wel dat de twee groepen zich gediscrimineerd voelden door het wetsvoorstel, en zelfs vergelijkingen met de Tweede Wereldoorlog werden niet geschuwd. In een multiculturele samenleving als Nederland is het belangrijk dat de meerderheid de gebruiken en waarden van de minderheden accepteert. Het verbod op de onverdoofde rituele slacht is een controversieel onderwerp waar veel over is gepubliceerd; hieronder vat ik twee vaak voorkomende, uiteenlopende opinies kort samen.
Volgens Lerner, een Israëlische rechtsgeleerde, zou het naar democratische principes niet fout zijn de rituele slacht te verbieden maar is het wel onwenselijk. Ook vindt hij niet dat dierenleed onder het mom van religie zomaar mag worden toegelaten, maar een verbod op rituele slacht zou discriminatie zijn omdat de meerderheid wel door mag gaan met de reguliere slacht (Lerner 2006: 31). Tolerantie naar minderheden is een goede reden voor een uitzondering, conflicten tussen religieuze waarden en wetten zijn sowieso al een geval apart.
Filosofe/politicologe Casal (2003) bespreekt in haar paper meerdere religieuze en culturele gebruiken, waaronder de joodse en islamitische rituele slacht. Zij komt tot de algemene conclusie dat de wrede zijden van culturen in een andere samenleving aangepast kunnen worden aan die samenleving. Wanneer groepen dit begrijpen, zich aanpassen en uiteindelijk de traditie vergeten wordt, komt dit de samenleving – en vele dieren – vooral ten goede, doordat de minderheden meer geaccepteerd worden door de meerderheid (Casal 2003: 21).
Godsdienstvrijheid
Artikel 18.
Een ieder heeft recht op vrijheid van gedachten, geweten en godsdienst; dit recht
omvat tevens de vrijheid om van godsdienst of overtuiging te veranderen, alsmede
de vrijheid hetzij alleen, hetzij met anderen zowel in het openbaar als in zijn particuliere
leven zijn godsdienst of overtuiging te belijden door het onderwijzen ervan, door
praktische toepassing, door eredienst en de inachtneming van geboden en voorschriften.
(Amnesty International)
Het verbod op de onverdoofde rituele slacht lijkt zeer tegenstrijdig met het citaat hierboven uit de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Er wordt dan ook vaak een beroep gedaan op de vrijheid van godsdienst in de discussie omtrent het verbod. Naar Europese regels moeten dieren verplicht verdoofd worden, maar zijn religieuze uitzonderingen toegestaan. Het is aan de staat zelf om te bepalen of de slacht humaan is of niet en of het op grond daarvan te verbieden is (Haupt 2007). In onder andere Zwitserland, Noorwegen, Zweden, Estland en zelfs Turkije is een verdoving te allen tijde verplicht. Wanneer dierenwelzijn opgenomen is in een grondwet kan de religieuze slacht makkelijker verboden worden zonder in strijd te zijn met de mensenrechten opgesteld door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (Haupt 20
07: 874-876). Dit is in Nederland niet het geval en dat maakt het verbod wat wankel. Echter, zolang vlees van ritueel geslachte dieren nog te verkrijgen is door import, is de vrijheid van religie volgens de interpretatie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens niet geschaad (Haupt 2007: 877).
PINK! sluit zich aan bij de uitspraak van de Partij voor de Dieren dat godsdienstvrijheid ophoudt wanneer dierenleed begint. Dat het verbod controversieel is, is daarentegen vrij logisch met het oog op de grondrechten van de mens, maar een verbod is op basis daarvan niet uitgesloten. Wij betreuren dan ook de minderheid in de Eerste Kamer, maar de discussie – ook over de bio-industrie en reguliere slacht – is in elk geval goed op gang gekomen.
Eva Akerboom is lid van de PINK!-redactie. Meeschrijven? Mail naar stephanie@pinkpolitiek.nl
Referenties en meer informatie:
Amnesty International ‘Universele Verklaring van de Rechten van de Mens’. Op: http://www.amnesty.nl/mensenrechten/encyclopedie/universele-verklaring-de-rechten-de-mens-uvrm (9-10-2011).
Animal Sciences Group (2008) ‘Ritueel slachten en het welzijn van dieren’. Wageningen: Animal Sciences Group van Wageningen UR.
Casal, P. (2003) ‘Is Multiculturalism Bad for Animals?’, Journal of Political Philosophy 11(1): 1-22.
CBS (2011) ‘Vleesproductie; aantal slachtingen en geslacht gewicht per diersoort’. Op: http://statline.cbs.nl/StatWeb/publication/?VW=T&DM=SLNL&PA=7123SLAC&LA=NL .
EFSA ( 2004) ‘Welfare aspects of the main systems of stunning and killing the main commercial species of animals.’ EFSA Journal 2(7): 1-29.
Haupt, C. E. (2007) ‘Free Exercise of Religion and Animal Protection: A Comparative Perspective on Ritual Slaughter’
Lerner, P. (2006) ‘The Prohibition of Ritual Slaughtering (Kosher Shechita and Halal) and Freedom of Religion of Minorities’, Journal of Law and Religion 22(1): 1-62.
Mondal, A. (2008) ‘Islam and multiculturalism: Some thoughts on a difficult relationship’, Moving Worlds: A Journal of Transcultural writing. 8(1): 77-94.
Shorten, A. (2005) ‘Cultural exemptions: the Case of Ritual Slaughter Legislation’. Manchester: University of Manchester.







